Kijk eerst naar de vorm van de scheuren. Dat vertelt je de oorzaak.
Een fijn netwerk, als een spinnenweb: dat is krimp. De pleister is te snel gedroogd of te dik in één keer gezet. Oorzaken die ik vaak zie:
- muur niet of te weinig voorgenat
- zon, tocht of een heater op de verse pleister
- te veel water in de mortel, waardoor hij meer krimpt
- te weinig of te fijn zand in de mix
Dit is meestal alleen een schoonheidsfout. Luchtkalk kan heel fijne scheurtjes zelf deels weer dichtzetten doordat er kalk in carbonateert. Wat blijft, kun je vaak oplossen met een paar lagen kalkverf of een dunne nieuwe afwerklaag, mits je de muur goed voornat.
Een rechte of schuine scheur, door alle lagen heen: dan beweegt de ondergrond. Denk aan een naad tussen twee materialen, een latei boven een kozijn of een plaatnaad. Daar had wapeningsweefsel in de onderlaag moeten zitten. Zo'n scheur komt terug als je hem alleen dichtsmeert.
Scheuren met holle plekken erachter: klop er met je knokkel op. Klinkt het hol, dan hecht de pleister niet. Dat stuk moet eraf.
Bij scheuren in een gevel of bij twijfel over constructieve beweging laat je eerst iemand kijken voordat je gaat stucen.
