De dekvloer uitgelegd: anhydriet, zandcement of leem?
- Tim van den Berg

- 22 jul
- 2 minuten om te lezen
Je hebt de isolatie gekozen. Je weet welke vloer je wilt leggen. Maar daartussen zit nog een laag waar bijna niemand over nadenkt: de dekvloer.
Toch bepaalt juist deze laag hoe goed je vloerverwarming werkt, hoe snel je kunt afwerken en hoeveel CO₂ je vloeropbouw veroorzaakt.
In dit artikel leggen we uit welke soorten dekvloeren er zijn, wanneer je welke kiest en welke het beste past bij een ecologisch bouwproject.
Wat is een dekvloer?
Een dekvloer ligt tussen de isolatie en de uiteindelijke vloerafwerking, zoals hout, tegels of linoleum.
De dekvloer heeft drie belangrijke functies:
hij zorgt voor een vlakke ondergrond;
hij omsluit de vloerverwarmingsbuizen;
hij verdeelt de belasting over de vloerconstructie.
Hoewel je hem na de afwerking nooit meer ziet, heeft de keuze voor de dekvloer invloed op het comfort, de energieprestatie én de milieu-impact van je woning.
1. Anhydrietdekvloer
Voor veel woningen met vloerverwarming is anhydriet tegenwoordig de meest gekozen oplossing.
In tegenstelling tot een traditionele cementdekvloer is anhydriet gebaseerd op gips. De vloer wordt vloeibaar aangebracht en vloeit vanzelf vlak uit.
Voordelen
lagere CO₂-uitstoot dan een traditionele cementdekvloer;
uitstekende warmtegeleiding doordat de vloerverwarmingsbuizen volledig worden omsloten;
dunner aan te brengen (vanaf ongeveer 30 mm);
minder gewicht op de constructie.
Nadelen
niet geschikt voor vochtige ruimtes zoals badkamers of kelders;
langere droogtijd (ongeveer één centimeter per week).
Voor de meeste woonhuizen is anhydriet een mooie balans tussen duurzaamheid, prestaties en kosten.
2. Zandcementdekvloer
De traditionele keuze blijft zandcement.
Hoewel de productie van cement relatief veel CO₂ uitstoot, heeft zandcement nog altijd belangrijke voordelen.
Voordelen
geschikt voor natte ruimtes;
zeer robuust;
breed verkrijgbaar;
vrijwel iedere vloerenlegger werkt ermee.
Nadelen
hogere CO₂-impact;
minder goede warmtegeleiding dan anhydriet;
meestal dikker uitgevoerd.
Voor badkamers blijft zandcement vaak de meest logische keuze.
3. Leemgebonden dekvloer
Wie een woning volledig biobased wil opbouwen, kan kiezen voor een leemgebonden dekvloer.
Deze bestaat uit leem, zand en soms natuurlijke vezels.
Leem past uitstekend in een dampopen vloeropbouw en combineert mooi met materialen zoals houtvezelisolatie en leemstuc.
Voordelen
volledig natuurlijk materiaal;
vochtregulerend;
draagt bij aan een gezond binnenklimaat;
sluit technisch goed aan bij andere biobased materialen.
Nadelen
specialistisch vakwerk;
beperkt aantal vakmensen;
hogere uitvoeringskosten.
Voor restauraties en volledig ecologische woningen is dit een prachtige oplossing.
De vloer begint onder de vloer
Veel aandacht gaat uit naar de zichtbare vloerafwerking. Begrijpelijk, want die bepaalt de uitstraling van een ruimte.
Maar de prestaties van een vloer worden voor een groot deel bepaald door wat eronder zit.
Een goed gekozen dekvloer zorgt voor een efficiëntere vloerverwarming, een comfortabeler binnenklimaat en – afhankelijk van de keuze – een lagere milieu-impact.
Bij Ecogilde helpen we huiseigenaren niet alleen bij het kiezen van ecologische materialen, maar vooral bij het vinden van de vakman die weet hoe deze materialen op de juiste manier worden toegepast. Want de beste materialen leveren alleen een goed resultaat op als ze ook goed worden verwerkt.


